header11-nl

Mar
11
2015

gty video game ll 121218 wmainEen nieuw onderzoek van CcaM evalueert bestaande meetinstrumenten voor blootstelling aan geweld op TV en in games. De resultaten laten zien dat één van deze instrumenten (directe schattingen) het meest geschikt is voor mediageweld-onderzoek. De studie geeft ook aan hoe we deze meetinstrumenten in de toekomst verder kunnen verbeteren. 

Voor een goede kwaliteit van onderzoek is het belangrijk dat meetinstrumenten nauwkeurig zijn. Als we er bijvoorbeeld achter willen komen hoe mediageweld jongeren beïnvloedt, is het belangrijk te weten of we mediageweld op een goede manier meten. In dit nieuwe onderzoek vergeleken CcaM-onderzoekers de meest voorkomende meetmethodes voor mediageweld om te achterhalen welke van deze instrumenten betrouwbaar en valide zijn. De drie instrumenten die werden vergeleken waren:

(1) directe schattingen, waarbij respondenten  wordt gevraagd hoe vaak en hoe lang ze televisieprogramma’s kijken en games spelen waarin geweld voorkomt;

(2) favoriete titels (geëvalueerd door de respondent), waarbij respondenten hun drie favoriete Tv-programma’s en games noemen, hoe vaak ze deze kijken/spelen, en hoeveel geweld in deze media zit;

(3) favoriete titels (geëvalueerd door bestaande beoordelingssystemen), waarbij het geweld in de drie favoriete Tv-programma’s en games van de respondent werd beoordeeld aan de hand van bestaande beoordelingssystemen zoals de Kijkwijzer.

De kwaliteit van deze drie maten werd beoordeeld door te kijken naar de stabiliteit van de maten over een periode van vier maanden (test-hertest betrouwbaarheid), naar hun overeenstemming met gecodeerde mediadagboeken (criteriumvaliditeit), en naar hun relatie met geslacht en agressief gedrag (constructvaliditeit). 

De resultaten lieten zien dat elk van deze drie meetinstrumenten betrouwbaar en valide instrumenten zijn voor blootstelling aan geweld in games. Voor blootstelling aan geweld op TV waren alleen de directe schattingen betrouwbaar en valide. Dit geeft aan dat mediageweld-onderzoekers het beste directe schattingen kunnen gebruiken, want dit was het enige instrument dat werkte voor zowel TV-geweld als game-geweld. 

Deze resultaten werden gevonden in een steekproef van 238 Nederlandse jongeren tussen de 10 en 14 jaar oud. Deze adolescenten vulden zowel vragenlijsten met de drie meetinstrumenten als twee mediadagboeken in. De titels die werden genoemd als favoriete TV-shows en games en de titels uit de mediadagboeken werden beoordeeld op de aanwezigheid van geweld aan de hand van de Kijkwijzer en het internationale PEGI-systeem. 

Dit is het eerste onderzoek dat meerdere meetinstrumenten van blootstelling aan geweld in games en op TV heeft bestudeerd. Hoewel het effect van mediageweld op agressie al decennia wordt bestudeerd, is er verbazingwekkend weinig onderzoek naar de kwaliteit van deze meetinstrumenten. Zulk werk is belangrijk, omdat de kwaliteit van een meetinstrument bepaalt of onderzoekers effecten vinden en correct interpreteren. Als een meetinstrument onbetrouwbaar is, kan dit ertoe leiden dat effecten worden onderschat of gemist. Als een meetinstrument niet valide is, betekent dit dat effecten die worden gevonden niet goed geïnterpreteerd kunnen worden. Kennis over de kwaliteit van huidige meetinstrumenten helpt onderzoekers om bestaand onderzoek te evalueren en toekomstige werk te verbeteren. Dit onderzoek geeft daarom een aantal manieren aan waarop onderzoekers hun meetinstrumenten voor mediageweld kunnen verbeteren. 

Dit onderzoek werd uitgevoerd door een team van CcaM-onderzoekers: Karin Fikkers, Jessica Taylor Piotrowski, and Patti Valkenburg. Klik hier om het artikel “Assessing the Reliability and Validity of Television and Game Violence Exposure Measures”,  online first gepubliceerd in Communication Research, te lezen.

If you would like more information about this article, please contact the corresponding author – Karin Fikkers – via email at Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.