header11-nl

Sept
14
2015

Bullying bully teen girls fight jpgJongeren die onder hun vrienden meer agressie ervaren, worden agressiever van gewelddadige games en Tv-programma’s. Een inzicht waarmee je in de toekomst mogelijk groepen kinderen kun aanwijzen die kwetsbaar zijn voor mediageweld. Dit blijkt uit een meerjarige enquête onder 943 Nederlandse tieners, uitgevoerd door een team van CcaM-wetenschappers, nu online gepubliceerd in het tijdschrift Media Psychology.

Er is veel discussie of gewelddadige games en Tv-programma’s, zoals Grand Theft Auto en Game of Thrones, kunnen leiden tot meer agressie bij kinderen en jongeren. Niet alleen vragen ouders zich af of zulke media-inhoud geschikt is voor hun kinderen, maar mediageweld zorgt soms ook voor maatschappelijke onrust. Dit gebeurde toen de in 2013 verschenen game Grand Theft Auto V spelers bleek te dwingen een ander personage te martelen. Tot dusver hebben wetenschappers echter geen eenduidige visie op de effecten van gewelddadige media op agressie. Onderzoekers aan de ene kant van het spectrum zien mediageweld als onbelangrijke factor, terwijl andere wetenschappers een rechte lijn trekken naar werkelijke agressie. 

De huidige CcaM-studie toont dat slechts een deel van de kinderen ontvankelijk is voor mediageweld. Zo blijkt dat bij jongeren die veel mediageweld zien én veel agressie (schelden, slaan) ervaren onder hun vrienden, de normen te veranderen. Zij concluderen dat hun vrienden agressie meer goedkeuren. Wanneer jongeren dit denken, zijn ze zelf ook geneigd vaker te slaan of schelden. Opvallend genoeg gebeurde bij jongeren in een vreedzame omgeving (die geen agressie onder vrienden ervaren) juist het tegenovergestelde. Zij lijken mediageweld niet kunnen rijmen met hun eigen leven en ze handelen juist minder vaak agressief na het spelen van gewelddadige games of zien van gewelddadige Tv-programma’s.  

De resultaten stroken met een eerdere studie van CcAM-onderzoeker Karin Fikkers. In 2013 liet zij zien dat juist jongeren uit gezinnen met veel conflicten meer worden beïnvloed door mediageweld. Deze en de huidige studie passen in de visie van Patti Valkenburg, universiteitshoogleraar Media, Jeugd, en Samenleving, en Jochen Peter, hoogleraar Media Entertainment, beiden aan de Universiteit van Amsterdam. In een eerder artikel stellen zij voor dat er zoveel discussie bestaat over de effecten van mediageweld omdat ieder kind niet in gelijke mate wordt beïnvloed. Sommige jongeren zijn kwetsbaarder dan anderen als gevolg van hun persoonlijkheid, hun ontwikkelingsniveau, en – zoals deze studie laat zien – hun sociale omgeving.

Voor deze studie vroegen CcaM-onderzoekers 943 kinderen tussen de 10 en 14 jaar hoe vaak en hoe lang ze gewelddadige games speelden of gewelddadige Tv-programma’s keken. Gemiddeld bleken ze wekelijks zo’n 4,6 uur per week aan gewelddadig media te consumeren. Daarnaast werd gevraagd hoe vaak zij zich agressief gedroegen tegen andere jongeren (bijv. schelden, stompen), en in hoeverre ze dachten dat hun vriendjes zelf agressief waren en agressie goedkeurden. Een jaar later werden de vragen nogmaals gesteld om te kijken hoe de uitkomsten veranderen over de tijd, en wat de rol van mediageweld hierbij was.

Dit onderzoek werd uitgevoerd door een team van CcaM-onderzoekers: Karin Fikkers, Jessica Taylor Piotrowski, en Patti Valkenburg, in samenwerking met dr. Peter Lugtig van de Universiteit Utrecht. Klik hier om het artikel “The role of perceived peer norms in the relationship between media violence exposure and adolescents’ aggression”,  online first gepubliceerd in Media Psychology, te lezen.

For more information about this paper, please contact the first author, Karin Fikkers, via email: Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.